Aart van Dobbenburgh, lithograaf

In de geschiedenis van de Nederlandse lithografische prentkunst loopt een duidelijke lijn vanaf August Allebé via zijn studenten aan de rijksacademie, zoals Jan Veth en Simon Moulijn, naar Aart van Dobbenburgh en nog later Metten Koornstra. Het zijn allen steentekenaars die proberen de specifieke mogelijkheden van het werken met lithografisch krijt en tusche op een steen maximaal te benutten. Kleur speelt nooit de hoofdrol in hun werk omdat ze net als de beroemde Franse lithograaf Odilon Redon vinden: ‘Het zwart is de wezenlijkste kleur, men moet het eerbiedigen.

Het zwart streelt het oog niet en wekt geen enkel zinnelijk genot. Het vertegenwoordigt de geest beter dan de schoonste kleur van het palet.’ In zijn boek Grafische Kunst. Over houtsnijden en lithograferen uit 1936 geeft Van Dobbenburgh het hoofdstuk over de steendruk als motto dan ook dit citaat van Redon, dat als het ware zijn geloofsbelijdenis is. Het houtsnijden heeft hij al gauw laten schieten en in zijn verdere leven is hij bij uitstek lithograaf geworden met rond de duizend prenten op zijn naam.
Door A.J. Vervoorn

Biografische achtergrond
Aart van Dobbenburgh werd in 1899 in Amsterdam geboren in een gezin waar al een zekere voorbestemming voor de lithografie aanwezig was. Zijn moeder heette Elisabeth Vinkeles en was een kleindochter van Abraham Vinkeles (1790-wrs.1841), die tot de vroegste steendrukkers in ons land behoorde. Toen Jan Veth over de lithografie schreef noemde hij Vinkeles de lithograaf die voor de verspreiding van de steendrukkunst in Nederland het belangrijkste is geweest. Het lijkt me waarschijnlijk dat zijn moeder aan Aart wel eens wat gezegd zal hebben over het werk van haar opa, toen zoonlief zo graag wilde tekenen! Van 1914 tot 1918 volgde Van Dobbenburgh de opleiding van de Quellinusschool in Amsterdam, die aan het Rijksmuseum was verbonden. Deze opleiding voor kunstnijverheid heeft vele kunstenaars een goede vaktechnische basis verschaft. Aanvankelijk maakte hij schilderijen, aquarellen, tekeningen, houtsneden en litho’s, maar al vanaf de jaren twintig krijgt de lithografie toch duidelijk zijn voorkeur. Bij zijn overlijden in juli 1988 is hij dan ook vooral gememoreerd als een van Nederlands grootste steentekenaars. Dat er nu ongeveer dertig jaar na het overlijden van Aart van Dobbenburgh een mooie tentoonstelling aan dat werk wordt gewijd in het Nederlands Steendrukmuseum is verheugend nieuws voor de prentenliefhebber.

Het werk
De enorme productie maakt het altijd willekeurig om in een kort verhaal een evenwichtig beeld te geven. Moet het werk chronologisch besproken worden of juist meer thematisch? Voor beide valt wat te zeggen, maar ook nadruk op de maatschappelijke, geëngageerde kant van de prenten is interessant. In de boeken die in de loop der jaren aan Van Dobbenburgh zijn gewijd, is een overmaat aan moreel-ethische belichting te vinden. Zijn affiches en ander werk dat sociaal onrecht aan de kaak wil stellen, zijn natuurlijk van hetzelfde grafische niveau als de landschappen of de schitterende natuurimpressies. Maar ook is soms een uitspraak van Harry Mulisch van toepassing, die ooit opmerkte: ‘Als kunst goede propaganda wordt, is het geen goede kunst meer.’ En die kon daar met zijn Cuba-verering over meepraten! Ik kies er dus maar voor om een aantal prenten te bekijken die mij bevallen en die diverse aspecten van Van Dobbenburghs oeuvre laten zien.

SCHETS
Het landschap
Vanaf zijn vroege werk heeft Van Dobbenburgh landschappen op steen getekend. Te beginnen in de jaren twintig zijn opvallend krachtige litho’s gemaakt, bijvoorbeeld gebaseerd op reizen naar de Ardennen, de Auvergne of Tirol, maar ook beelden van de eigen omgeving in zijn woonplaats Bentveld. De contrasten zijn groot: donkere schaduwen tegen lucht of sneeuw, de huizen van een dorp worden haast kubistisch gerangschikt en bomen staan in heftige, getourmenteerde vormen in beeld. Een echo van Van Gogh is soms hoorbaar, maar vooral de expressionistische opvattingen van de Bergense school zijn te zien. Neem als voorbeeld de prent uit 1926 Royat. Auvergne, gedrukt in een oplage van 25 exemplaren. Gelijkvormige huizen staan in een haast wiskundig opgebouwde compositie zodat een sterk ritme ontstaat. De voorste huizen zijn het donkerst en het licht op de huizen verder naar achteren geeft diepte. Land en lucht verdwijnen in een oneindig perspectief. Deze krijtlitho buit de nuances van de gegreinde steen volledig uit en dat zorgt ervoor dat de krachtige compositie toch geen hard beeld wordt. In de vroegere publicaties over de kunstenaar zijn de litho’s uit de jaren twintig en dertig sterk onderbelicht gebleven, terwijl ze in de Nederlandse prentkunst een zeer eigen plaats innemen.

 

 

 

 

SCHETS2
Die onderbelichting geldt minder voor de latere landschappen, die heel anders zijn. Rond 1950 begint de reeks landschappen die niet meer op waarneming van de werkelijkheid berusten, maar die uit de innerlijke verbeelding ontstaan. Die krijgen als titel dan ook alleen een nummer mee: ‘eerste landschap’, tweede, tot in de zestig toe. Als een omslagpunt wordt genoemd het lezen van verhalen van de negentiende-eeuwse schrijver Adalbert Stifter. In een daarvan worden de gevolgen van een zware rijplaag op bomen en natuur beschreven. Prof. dr. Meijer beschrijft dan mooi het ontstaan van het ‘eerste landschap’, in 1951 gedrukt in een oplage van 25. ‘De ontmoeting met Stifter gaf gestalte aan een droombeeld, dat – reeds lang naar vorm zoekend – in de kunstenaar leefde en dat hij in gedachten “het vreemde landschap” noemde. Vegetatieve en geologische formatie vloeien raadselachtig in elkaar over; het zal niemand gelukken een duidelijke grens tussen gewas en gesteente te ontdekken. Deze betovering wordt niet bereikt door ontstoffelijking, maar integendeel door een hoogst subtiele en gevarieerde stofsuggestie, van mos en kaal hout en verweerd gesteente.’ Deze prent laat zien hoe dun de scheidslijn tussen figuratief en abstract is in de kunst. Het lijkt realiteit, maar is dat niet. Nog boeiender heeft Van Dobbenburgh dit in 1954 laten zien, toen hij een steen met Drie Schelpen is gaan bewerken tot landschapsvisioen.



SCHETS3

Portret
Voor de sociaal bewogen Van Dobbenburgh was de mens, of meer nog het menselijke in zijn leven en werken, van diepe waarde. Dat komt tot uiting in de affiches voor goede doelen als reclassering of kinderbescherming. Maar het rijkst komt die mensenliefde tot uiting in de vele portretten die hij op steen tekende. Zijn moeder, zelfportretten, zijn vrouw en dochter, ze komen telkens terug in steeds teerdere en gedetailleerdere litho’s. Soms worden de ogen wel eens wat sentimenteel groot, maar uiteindelijk zijn het steeds beelden die niet alleen tonen hoe iemand eruitziet, maar ook wie iemand is. 

Als voorbeeld daarvan neem ik hier het portret van Henriette Roland Holst uit 1949. De toen 80-jarige dichteres en politica was bevriend met de kunstenaar en ofschoon geen van beiden per se als gemakkelijk mens bekend stond, is de onderlinge waardering terug te zien in dit meesterlijk en menselijk portret. In haar biografie van Henriette Roland Holst geeft Elsbeth Etty nog een aardige anekdote rond dit portret. ‘Deze getalenteerde lithograaf was in die periode haar beste vriend. In opdracht van Spaarnestad tekende hij haar portret, waarvoor hij zich geruime tijd elke ochtend stipt om half tien door een taxi in de Van Eeghenstraat liet afleveren. Op een keer zei ze: “Kun je niet een half uur later komen?” Toen hij dat de volgende dag deed, sneerde ze: “Je bent een half uur te laat, kun je niet eerder komen?” De gesprekken die hij onder het werk met haar voerde, gingen meestal over Russische of Duitse literatuur. Het leek, aldus Van Dobbenburgh, alsof ze een examen afnam.’ Maar de vriendschap tussen de twee kunstenaars is tot op haar sterfbed intens gebleven.

 

SCHETS4

Van Dobbenburgh, bezig met het portret van Henriette Roland Holst. (c) Collectie / Archief Spaarnestad


Andere beroemde geportretteerden zijn koningin Juliana en Willem Drees. De laatste was een oudere neef van Aart via de broer van zijn moeder. Drees heeft boeiend over zijn kunstenaar-neefje geschreven. Zo kreeg hij als minister-president te horen dat het portret van de koningin niet voor iedereen voldeed: de burgemeesters van Noord-Holland vonden het te menselijk en niet genoeg staatsie vertonen!



 

 

 

 

SCHETS5 Handen
Niet altijd tot Van Dobbenburghs genoegen is hij voor veel mensen vooral ook de tekenaar van handen geweest. Vanaf 1934 heeft hij daar vele prenten van gemaakt, te beginnen met de handen van zijn moeder. Een bijzonder geval beschrijft Willem Drees. ‘Wat handen betreft, heb ik een heel speciale herinnering aan één litho. Ik ben indertijd een jaar lang gijzelaar geweest in Buchenwald. Daar mochten we maar één brief in de maand ontvangen en een levensmiddelenpakket. Daarnaast gingen de Duitsers er mee accoord dat er nog een pakket van bijzondere aard kwam. Aart heeft gemeend daarvan gebruik te kunnen maken door een litho te sturen. Een litho waarop getekend zijn de handen van mijn moeder, rustend op de Bijbel, waaronder dan staat: handen van een wachtende oude vrouw. En nota bene, de Duitsers hebben dat om de een of andere reden een gevaarlijke zaak gevonden. Die hebben die litho niet aan mij door willen geven. Ik heb hem gelukkig toch in mijn bezit.’
Met dit verhaal in gedachten kijk je toch anders naar die prent, zoals bij veel litho’s van Aart van Dobbenburgh een verhaal hoort. Bij de tentoonstelling in het Nederlands Steendrukmuseum in Valkenswaard worden veel van die verhalen verteld. Zeker de moeite van het bezoeken waard!

Expositie
De expositie 'Aart van Dobbenburgh, een vergeten meesterlithograaf' is van 30 april tot en met 27 november 2016 te zien in het Nederlands Steendrukmuseum te Valkenswaard. Meer informatie: www.steendrukmuseum.nl.

Twitter

Social media

twitterFacebook

Contact

Stip Media

Louise de Colignystraat 15 

1814 JA Alkmaar

+3172 531 49 78

info@boekenpost.nl