Van hype naar hoax in drie dagen – het ‘gedichtje van Anne Frank’

Anne frank gedichtGedicht Anne Frank
1942
Bubb Kuyper
€ 140.000

Het is vlak voor de deadline, en ik heb nog geen idee voor een artikel. Dan zie ik op de tv het bericht over een handgeschreven gedicht van Anne Frank uit 1942, dat bij Bubb Kuyper zal worden geveild; verwachte opbrengst tenminste 30.000 euro. Veilingdirecteur Blankevoort verklaart voor de camera: ‘Dit is zo zeldzaam dat ik het nooit eerder heb gezien’, wat me een niet zeer betrouwbare graadmeter lijkt. Mijn eerste indruk: wat een draak van een vers, dit kan nooit bedacht zijn door een twaalfjarige. Maar handschrift en ondertekening zijn van Anne. Enige tijd geleden is voor een gewoon boek in Amerika 62.500 dollar betaald, alleen omdat Anne Frank haar naam voorin had geschreven! Dus zal er vast wel belangstelling zijn voor dit blaadje uit het poesiealbum van de zus van een vriendin van Anne.

Door Casper Schuckink Kool, antiquaar en boekenspeurder

De dag erop lees ik dat een anonieme bieder maar liefst 140.000 euro heeft betaald voor het achtregelige gedichtje, terwijl hem bekend was dat de eerste vier regels waren overgeschreven. Omdat van de andere vier de bron niet was te achterhalen, werd de mogelijkheid opengelaten dat het hier om een paar regeltjes nog onbekende authentieke Anne Frank-tekst zou kunnen gaan. Eigenlijk vind ik het een belediging om te veronderstellen dat Anne zo’n misbaksel zelf zou hebben gewrocht, maar ja, ze heeft het wel zelf uitgekozen. Misschien had ze eigenlijk een hekel aan die Christiane, de eigenares van het poesiealbum waar deze kwezelarij uit komt. Inmiddels zag ik wel het onderwerp voor mijn stukje opdagen, mits ik over wat meer informatie zou kunnen beschikken dan al in de krant had gestaan. De eerste vier regels zou Anne hebben overgeschreven uit Het Ros Beiaard, Katholiek Vlaamschgezind Weekblad voor Algemeene Belangen, uit 1938 (chapeau voor wie dat heeft uitgezocht). Hoe kwam Anne aan zo’n obscuur zwartrokkenblad van vier jaar oud, waarvan in Nederlandse bibliotheken geen enkel nummer te vinden is? Ik besloot mijn licht op te steken in Antwerpen; volgens Worldcat zouden enige exemplaren berusten in de Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience. Hals over kop reserveerde ik een hotel, kocht een treinkaartje en reisde af naar België, om ter plekke te constateren dat van het betreffende blaadje maar enkele nummers bewaard waren, gedateerd 1910 tot 1936 en verspreid over diverse bibliotheken, die ofwel op zaterdag gesloten waren (UB Gent) ofwel niet telefonisch door konden geven wat ze hadden (KB Brussel). Al met al was mijn bezoek aangenaam en heeft het mij een en ander geleerd over het bibliotheekwezen in België, maar was het volstrekt nutteloos.

Tijdens de terugreis, die door vertragingen op het spoor eindeloos duurde, had ik tijd genoeg om de hele casus nog eens rustig te overdenken. Van cruciaal belang is dat het gaat om een versje uit een poesiealbum, hypercorrect ook wel poëziealbum genoemd. Zo’n album kende een vaste opbouw: eerst werd moeder gevraagd erin te schrijven, dan vader, zussen, andere familie, vriendinnen, klasgenoten, buurkinderen. Weigeren was ondenkbaar, originaliteit werd niet gevraagd, en ook niet op prijs gesteld. De bijdragen in zo’n album waren per definitie overgeschreven. Géén persoonlijke ontboezemingen, geen confidenties, en zeker geen seks, godsdienst, of politiek. Je had als meisje soms een slot op je dagboek, maar je poesiealbum was openbaar, en iedereen kon eruit putten als zij zelf weer iets moest schrijven. Dat Anne het voor belachelijk veel geld geveilde gedicht heeft overgeschreven, is wel zeker. Maar dat heeft ze vast niet gedaan uit een vier jaar oud rooms flamingantenblaadje, maar uit een ander album – precies zoals dat altijd ging.

Tussen Zwolle en Groningen dommelde ik in slaap. Ik droomde dat ik een gedicht vond van acht regels, gedateerd 5 december 1942. De eerste regels waren: ‘Een nuttig cadeau / voor zus Margot.’ Het was een briljant versje, plagerig, speels, warm, persoonlijk. Ik wist absoluut zeker wie het geschreven had. Maar het handschrift was verdraaid, en de auteur verschool zich achter het toen nog onschuldige pseudoniem Zwarte Piet. Eigenlijk tegen beter weten in heb ik het aangeboden aan een Haarlems veilinghuis, maar die zagen er niks in, omdat de naam Anne Frank er niet onder stond.

Bij thuiskomst las ik in de Volkskrant een ingezonden brief van een mevrouw uit Bunnik, waaruit blijkt dat het moralistische gedichtje al in 1939 in een poesiealbum is opgedoken, wat al mijn vermoedens bevestigt. Ik vraag mij af of de koper nog steeds blij is met zijn aankoop.

Twitter

Social media

twitterFacebook

Contact

Stip Media

Louise de Colignystraat 15 

1814 JA Alkmaar

+3172 531 49 78

info@boekenpost.nl