Toegankelijke en invoelbare observaties van het kleine

poezieinbeeldDichteres en toneelschrijfster Judith Herzberg werd geboren op 4 november 1934 te Amsterdam als dochter van schrijver en jurist Abel Herzberg. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd zij met haar familie geïnterneerd in Huize De Biezen in Barneveld. Samen met haar broer en zus wist Judith te ontsnappen toen de Duitsers het huis ontruimden. De rest van de oorlog doken zij onder. Hun ouders kwamen via Westerbork in Bergen-Belsen terecht, waar zij de oorlog overleefden.

Door Marieke Kraakman


In 1961 debuteert Herzberg als dichteres in het weekblad Vrij Nederland en vanaf 1963 verschenen er van haar hand met enige regelmatig vooral dichtbundels, maar ook enkele toneelstukken, een essay en een televisiescript. Haar toneelstukken Leedvermaak en Rijgdraad werden verfilmd door Frans Weisz. De dichtstijl van Herzberg is toegankelijk en invoelbaar. Ze beschrijft ogenschijnlijk het kleine, iets wat niet direct de aandacht vangt, zoals bijvoorbeeld te zien is in de gedichten uit haar bundel Vliegen, in 1970 bij uitgeverij Thomas Rap verschenen. Hier observeert zij vliegen en beschrijft ze de beestjes op haar typerende manier in kleine waarnemingen, met oog voor het unieke bestaan en een beschouwende blik op de natuur om ons heen in veertig korte gedichten. Bovendien illustreert ze de bundel met eigen tekeningen.

Hoe politiek betrokken Herzberg is blijkt uit het ingezonden gedicht dat zij naar NRC Handelsblad stuurde. Het is een gedicht over het meisje Taida Pasic, dat teruggestuurd zou worden naar Servië, een aantal maanden voor haar vwoeindexamen. Verschillende van haar dichtbundels werden herdrukt, vertaald en bekroond. Zo ontving Herzberg de Constantijn Huygensprijs in 1994 en de P.C. Hooftprijs in 1997. Uit het juryrapport bij deze laatste prijs: ‘Haar gedichten gaan niet over wat hoort of wat vaststaat, maar over de wonderlijke wandelingen van de geest, over de slingerende wegen van het leven, over wat men bedoelde maar niet zei of niet kon zeggen, over een gebaar, een gemis, over de verdeeldheid in ieders hart en hoofd.’ De oorlog speelt niet heel vaak een rol in het werk van Herzberg. De bundel Strijklicht uit 1971 vormt hier een uitzondering op, omdat ze de oorlog hier expliciet in beeld brengt, zoals met het gedicht ‘1945’. Soldaten keren hier terug en laten stiltes vallen tijdens een visite. zij weten zich geen raad met de vrede. In de bundel Zoals uit 1992 duikt de oorlog als thema weer op in het gedicht ‘Dozen’. Herzberg maakt hier invoelbaar hoe zorgeloosheid uit het leven verdwijnen kan, beschreven in zoiets kleins als de twijfel die haar bevangt bij het wel of niet weggooien van een doos. Zij spiegelt haar gevoel in het schijnbaar alledaagse en laat tegelijk op een schrijnende manier zien hoe wankel het ‘gewone bestaan’ kan zijn.

Zoals 1992Dozen Omdat je in de oorlog altijd hoorde van voor de oorlog, hoe argeloos ze waren, ben ik nu heel voorzichtig. Gooi ik iets weg, bijvoorbeeld een kartonnen doos, dan hoop ik dat die doos mij nooit meer zal heroveren in de vorm van zelfverwijt; weet je nog wel, hoe zorgeloos, we gooiden gewoon dozen weg! Als we er één hadden bewaard, één hadden bewaard! Uit: 'Zoals', 1992.

Twitter

Social media

twitterFacebook

Contact

Stip Media

Louise de Colignystraat 15 

1814 JA Alkmaar

+3172 531 49 78

info@boekenpost.nl